Beste VNF-A leden,

Het laatste kwartaal van het jaar wordt traditiegetrouw ingeruimd voor de vele fotofestivals. Afgelopen week werd deze afgetrapt door de Veluwse Fotodagen, eind november is de Openbare Avond van VNF-Apeldoorn en straks in december wordt het jaar afgesloten door het Lowland Photo Festival in Antwerpen. Tijdens deze dagen kun je je volledig onderdompelen in de mooiste beelden en verhalen. Veelal draait het hier tijdens de lezingen en presentaties vooral om natuurbeleving. De fotograaf neemt je mee tijdens de trip of het project en probeert zo goed mogelijk de beleving van dat moment op jou over te brengen. Als de fotograaf dat goed doet kun je je inleven in wat hij heeft doorstaan, wat hij heeft gevoeld en gezien. Je beleeft het bijna.

Natuurbeleving is niet vanzelfsprekend.

Vroeger ging je na de school meteen het bos in om pas tegen etenstijd huiswaarts te keren. Je beleefde grote en kleine avonturen in bossen, aan slootkanten of op een braakliggend veldje. Je bouwde hutten, ving kikkers of trapte tegen een voetbal.

Soms hoor je volwassenen zeggen dat zij de verschillende natuurervaringen die zich in hun kindertijd afspeelden pas zijn gaan waarderen sinds zij volwassen zijn. Als kind zagen zij de natuur meestal als vanzelfsprekend en gewoon. Echter, deze natuur was wel veelvuldig aanwezig. En zij waren vaak aanwezig in die natuur.

Is natuur voor de huidige generatie nog net zo vanzelfsprekend en toegankelijk? Kunnen kinderen tegenwoordig ook hele middagen rondzwerven in het bos of in de weilanden?

Uit onderzoek blijkt dat 15% van de kinderen aangeven dat ze niet zelfstandig de natuur ingaan, daarvan zegt 9% dat hun ouders dat gevaarlijk vinden. Er zijn ouders die zelf bang zijn in het bos. Bang voor ‘enge’ beesten zoals teken. Dezelfde ouders gaan wel op vakantie naar de meest exotische oorden met de meest exotische dieren maar in het bos in hun eigen buurt komen ze nooit. Sommige kinderen zijn daardoor nog nooit in het bos geweest. Vervreemding leidt ook tot angst. Kinderen uit de stad zijn banger voor natuur dan dorpskinderen. Bijvoorbeeld voor dieren (spinnen, insecten) of ‘eng weer’. Ook irreële angst (voor wilde dieren die hier niet eens voorkomen) komt vooral voor bij stadskinderen.

Door de komst van de televisie en de computer ligt er een nog grotere claim op de vrije tijd van kinderen. Hoewel buitenspelen nog altijd erg populair is wordt er door de meeste kinderen veel meer tijd per dag besteed aan televisie, smartphone en (spel)computer.

Als minder contact met natuur leidt tot vervreemding van natuur en vervreemding van natuur tot minder betrokkenheid hierbij, dan groeit er nu een generatie op die in grotere mate onverschillig staat tegenover natuur. Natuur met wie we de aarde delen en die door menselijk toedoen al in de verdrukking is geraakt. We moeten kinderen laten kennismaken met al het moois van de natuur. Voor het voortbestaan van de natuur is het belangrijk dat er een generatie opgroeit die interesse heeft in en betrokken is bij natuur. Een kind moet de vrijheid hebben om op eigen gelegenheid de natuur te ontdekken en daar avonturen te beleven. Natuur die toegankelijk is, dat wil zeggen aanwezig en bereikbaar.

Natuur moet weer vanzelfsprekend worden.

Nieuwsbrief oktober 2019

Namens het bestuur,

Henri van Vliet (Voorzitter)